Rotterdam verloor in de Tweede Wereldoorlog bijna zijn hele oude centrum. De stad koos daarna niet voor nabouwen maar voor iets nieuws. Daarom zie je hier hoogbouw, gewaagde bruggen en woningen in vreemde vormen, met de Maas en de haven er dwars doorheen. Rotterdammers zijn er trots op en zeggen het ook gewoon.
De Erasmusbrug, door de stad de Zwaan genoemd, is een witte tuibrug die het centrum met de Kop van Zuid verbindt. Loop er overheen en je ziet de skyline aan beide oevers. De Markthal is een enorme hoefijzervormige boog met woningen erin. Aan het plafond hangt een kleurrijke schildering van groente, fruit, vis en bloemen, en beneden loop je langs de kramen en proef je van alles. Er vlak naast staan de Kubuswoningen van Piet Blom: gekantelde gele kubussen op palen, samen een soort betonnen bos.
In het Museumpark staat de Kunsthal van Rem Koolhaas, een museum zonder vaste collectie met steeds andere tentoonstellingen over kunst, mode en design. Wie het oude Rotterdam zoekt, gaat naar Delfshaven. Dit haventje met grachtenpanden en een molen bleef in de oorlog gespaard, en hier vertrokken ooit de Pelgrimvaders naar Amerika.
Katendrecht was vroeger de wijk van zeelui en kroegen op een schiereiland in de Maas. Nu eet en drink je er aan het Deliplein tussen restaurants en theaters, met uitzicht op het water. Winkelen doe je op de Lijnbaan, een autovrije winkelstraat uit de wederopbouw, en in de Koopgoot, de verdiepte winkelpassage onder de Coolsingel.