In Berlijn vertelt elke straathoek een verhaal. Op veel plekken in het centrum geeft een dubbele rij kasseien in de straat aan waar de Muur liep, die tot 1989 Oost en West scheidde. Hier en daar staan nog delen overeind, als herinnering aan een verdeelde stad en aan de mensen die hun leven waagden om aan de andere kant te komen.
De Reichstag, het Duitse parlementsgebouw, kreeg een glazen koepel waarin je over een spiraalvormige helling omhoog loopt, met rondom uitzicht over de stad. Het glas staat symbool voor een open democratie. Vlak ernaast staat de Brandenburger Tor: ooit lag hij in niemandsland, nu is hij het teken van de hereniging.
Potsdamer Platz was tijdens de deling een braakliggende vlakte op de grens. Nu staan er glazen torens, theaters, winkels en restaurants. Op Alexanderplatz, in het voormalige Oosten, kijk je omhoog naar de Fernsehturm, die je vanuit grote delen van de stad ziet. In het Neues Museum op het Museumsinsel staat de buste van Nefertiti, het pronkstuk van de Egyptische collectie.
Onder de stad ligt een tweede Berlijn: bunkers, tunnels en schuilkelders uit de oorlog en de Koude Oorlog, waar rondleidingen je mee naar beneden nemen. Boven de grond eet je Berlijn aan een Imbiss: currywurst, döner, en daarna koffie op een terras in Prenzlauer Berg of Kreuzberg.